Sensor Academy

Wright et al. 2024

Evalueren van de start met GLP-1 therapie in combinatie met het FreeStyle Libre-systeem

HCP with monitor
HCP with monitor
HCP with monitor

Start van GLP‑1‑therapie met het FreeStyle Libre‑systeem versus GLP‑1‑therapie alleen¹

GLP‑1‑receptoragonisten (GLP‑1‑RA’s) en het gebruik van continue glucosemonitoring (CGM) staan bekend om hun positieve effect op de glykemische controle bij type 2‑diabetes.(2–4). Het is echter nog onduidelijk of de combinatie van CGM met GLP‑1‑RA‑therapie leidt tot een grotere verbetering van het HbA1c.

In deze real‑world studie van Wright et al. werd de verandering in hemoglobine A1c (HbA1c) vergeleken tussen personen die startten met GLP‑1‑RA‑therapie in combinatie met een FreeStyle Libre‑systeem en personen die startten met GLP‑1‑RA‑therapie alleen.¹

Doel van de studie

Het vergelijken van veranderingen in HbA1c bij volwassenen met type 2‑diabetes tussen personen die een GLP‑1‑receptoragonist in combinatie met een FreeStyle Libre‑systeem starten en personen die een GLP‑1‑receptoragonist als monotherapie starten.

Studieopzet en studiepopulatie

De studie van Wright et al. (2024) was een real‑world, retrospectieve studie waarbij gebruik werd gemaakt van gepseudonimiseerde gegevens afkomstig uit een gekoppelde database met elektronische patiëntendossiers en declaratiegegevens (Optum Market Clarity Data) over de periode 2018–2022.

De studiepopulatie bestond uit volwassenen van 18 jaar en ouder met een diagnose type 2‑diabetes, een baseline HbA1c ≥ 8% en die voor het eerst een GLP‑1‑receptoragonist werden voorgeschreven.

Deelnemers werden ingedeeld in twee cohorten:

GLP‑1 + FreeStyle Libre‑cohort: personen die hun eerste FreeStyle Libre‑systeem verkregen binnen 30 dagen na de start van hun eerste GLP‑1‑RA‑therapie.
GLP‑1‑cohort: personen die een GLP‑1‑RA‑therapie startten zonder bewijs van gebruik van continue glucosemonitoring (CGM).

Voor een meer directe vergelijking werden de twee cohorten 1:5 gematcht op basis van insulinetherapie bij baseline, leeftijd, geslacht, baseline HbA1c en het type gebruikte GLP‑1‑RA‑medicatie.

Belangrijkste inclusiecriteria

  • Volwassenen (≥18 jaar) met een diagnose type 2‑diabetes.
  • Baseline HbA1c ≥ 8%.
  • Beschikbaarheid van een HbA1c‑meting na 6 maanden follow‑up.

Belangrijkste exclusiecriteria

  • Patiënten met een diagnose type 1‑diabetes of zwangerschapsdiabetes tijdens de observatieperiode.
  • Patiënten bij wie de initiële CGM niet afkomstig was van Abbott.

Primaire uitkomsten

➤ Vergelijking van de verandering in HbA1c ten opzichte van baseline tot 180 dagen (6 maanden) tussen het GLP‑1 + FreeStyle Libre‑cohort en het GLP‑1‑alleen‑cohort.

Secundaire uitkomsten

➤ Verschillen in HbA1c‑reductie afhankelijk van het type insulinetherapie en het specifieke gebruikte GLP‑1‑receptoragonist.

Studieresultaten

Belangrijkste baseline patiëntkarakteristieken

➤ Van de 24.724 aanvankelijk geanalyseerde volwassenen werden 478 personen gematcht met het GLP‑1 + FreeStyle Libre (FSL)‑cohort en 2.390 met het GLP‑1‑alleen‑cohort. Alle gematchte deelnemers werden geïncludeerd in de endpointanalyse. Er werden geen significante verschillen waargenomen tussen de cohorten wat betreft baselinekenmerken, waaronder leeftijd (gemiddeld 53,5 jaar), geslacht en baseline HbA1c (gemiddeld circa 10,2%).

Tabel 2. Baselinekarakteristieken: gematchte cohorten

Primaire uitkomsten

➤ In de analyse van de gematchte cohorten liet het GLP‑1 + FreeStyle Libre‑cohort een significant grotere HbA1c‑reductie zien dan het GLP‑1‑alleen‑cohort (‑2,43% [‑26,6 mmol/mol] versus ‑2,06% [‑22,5 mmol/mol]), overeenkomend met een verschil van 0,37% (4,0 mmol/mol) (figuur 3).

➤ Een significant groter deel van de gebruikers in het GLP‑1 + FreeStyle Libre‑cohort bereikte bij follow‑up een HbA1c < 8% (< 64 mmol/mol) in vergelijking met het GLP‑1‑alleen‑cohort (59,8% versus 53,8%).

Figuur 3. Verandering in HbA1c vanaf baseline tot follow‑up: gematchte cohortanalyse

Secundaire uitkomsten

➤ De grotere HbA1c‑reducties met GLP‑1‑therapie in combinatie met het FreeStyle Libre‑systeem werden waargenomen in alle subgroepen naar type insulinetherapie (intensieve insulinetherapie, niet‑intensieve insulinetherapie en geen insulinetherapie), in vergelijking met GLP‑1‑therapie alleen. (figuur 4).

➤ Zowel bij gebruikers van dulaglutide of semaglutide was een significant grotere HbA1c‑reductie te zien bij gebruik met het FreeStyle Libre‑systeem in vergelijking met gebruik van de betreffende medicatie alleen. (figuur 5).

Figure 4: Change in HbA1c by insulin therapy group: unmatched cohort.

Figuur 4: Verandering in HbA1c per insulinetherapiegroep: niet‑gematcht cohort

Figuur 5: Verandering in HbA1c naar initiële GLP-1-RA

Figuur 5. Verandering in HbA1c naar initiële GLP‑1‑RA‑formulering: niet‑gematcht cohort. GLP‑1‑RA: glucagon‑like peptide‑1‑receptoragonist.

Beperkingen van de studie

➤ Het retrospectieve, observationele studieontwerp toont een associatie tussen de onderzochte therapieën en de uitkomsten, maar laat geen causaal verband toe.

➤ Therapietrouw aan zowel de GLP‑1‑RA‑medicatie als het gebruik van FreeStyle Libre‑sensoren kon gedurende de studie niet betrouwbaar worden vastgesteld.

➤ Leefstijlfactoren, zoals voedingspatroon en lichamelijke activiteit, werden niet vastgelegd in de database. Evenmin bevatte de database informatie over hoe patiënten of zorgverleners de CGM‑gegevens gebruikten.

➤ Veranderingen in lichaamsgewicht konden niet worden gecorreleerd aan glykemische uitkomsten, aangezien lichaamsgewicht niet consistent werd geregistreerd. Daarnaast waren specifieke CGM‑parameters (zoals ‘time in range’ en hypoglykemie) niet beschikbaar.

➤ Nieuwere duale (GIP)+GLP‑1‑therapieën, zoals tirzepatide, werden niet meegenomen in de analyse, aangezien deze pas na afloop van de studieperiode commercieel beschikbaar kwamen.

Samenvatting

In deze grote real‑world studie lieten volwassenen met suboptimaal gereguleerde type 2‑diabetes die startten met GLP‑1‑receptoragonistentherapie en gelijktijdig gebruikmaakten van het FreeStyle Libre‑systeem klinisch en statistisch significant grotere verbeteringen in HbA1c zien dan patiënten die werden behandeld met een GLP‑1‑RA alleen.

Dit aanvullende glykemische voordeel werd consistent waargenomen bij patiënten met verschillende insulineschema’s en bij gebruikers van de meest toegepaste GLP‑1‑receptoragonisten, wat wijst op een additief effect van het gebruik van continue glucosemonitoring in combinatie met GLP‑1‑therapie.

₼ De verkoop van het originele FreeStyle Libre-systeem is stopgezet in de EU en het VK. In deze markten zijn de FreeStyle Libre 2 en 3 systemen te koop, die dezelfde voordelen bieden als het originele FreeStyle Libre-systeem, met de extra functionaliteit van optionele real-time alarmen.
†Een volledige lijst met inclusie/exclusiecriteria kan gevonden worden in de studie van Wright et al.,2024

Referenties

1. Wright EE Jr, Roberts GJ, Chuang JS, Nabutovsky Y, Virdi N, Miller E. Initiating GLP-1 therapy in combination with FreeStyle Libre provides greater benefit compared with GLP-1 therapy alone. Diabetes Technol Ther. 2024;26(10). doi:10.1089/dia.2024.0015.
2. Nachawi N, Rao PP, Makin V. The role of GLP-1 receptor agonists in managing type 2 diabetes. Cleve Clin J Med. 2022;89(8):457–464. doi:10.3949/ccjm.89a.21110
3. Yaron M et al. Effect of Flash Glucose Monitoring Technology on Glycemic Control and Treatment Satisfaction in Patients With Type 2 Diabetes. Diabetes Care. 2019;42(7):1178-1184. doi:10.2337/dc18-0166
4. Evans, Mark et al. Reductions in HbA1c with Flash Glucose Monitoring Are Sustained for up to 24 Months: A Meta-Analysis of 75 Real-World Observational Studies. Diabetes Ther. 2022;13(6):1175-1185. doi:10.1007/s13300-022-01253-9

ADC-129327 v1.0

Loading...